verslag

Stadsarchief Amsterdam 15-05-2016

Ingang Stadsarchief Amsterdam

Ingang Stadsarchief Amsterdam

Op zaterdagmiddag en zondagmiddag worden er voor een luttel bedrag rondleidingen gegeven in Stadsarchief van Amsterdam. Wij hebben ons opgegeven voor zaterdagmiddag.

Amsterdam is vandaag overspoeld door toeristen. Denk: bierfiets, blowende en drinkende mannen en stagparties. Gelukkig is het in de buur van het stadsarchief rustiger. Iets later dan gepland beginnen we met de rondleiding. Gek genoeg zijn ik en mevrouw Snel de enigen. De rondleidster geeft aan dat het doorgaans drukker is. Ons maakt het niet uit. We beginnen op een hogere verdieping. Alles ziet er vooral streng, horizontaal, donker eiken en wit uit.

Het gebouw van het stadsarchief is gebouwd voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, na een aantal fusies ABN-AMRO. Het gebouw heet ´de Bazel´, vernoemd naar architect de Bazel. De Bazel begon als timmerman maar werkte zich op tot architect. Hij was een leerling van Cuypers (jawel, die van het Rijksmuseum en Centraal Station Amsterdam). Hij heeft echter wel een heel andere stijl dan Cuypers.

We kijken vanuit de belruimte (er staan twee telefoonnisjes) uit naar de benedenhal. De Bazel is duidelijk

Doorkijk in de centrale hal

Doorkijk in de centrale hal

meer geïnspireerd door Frank Lloyd Wright dan door Cuypers. Opvallend is dat de luchtroosters niet zijn weggewerkt maar onderdeel zijn van de inrichting. Op de vloer ligt prachtig tegelwerk. We lopen door naar een lagere directiekamer. De Bazel was een totaalontwerper. Hij had dus overal de hand in: van meubilair tot verwarmingsrooster, alles werd door hem ontworpen. De ruimtes zijn kaal, functioneel maar niet zonder luxe. Grappig is dat hoe hoger de positie van de gebruiker van de kamer hoe duurder de gebruikte materialen worden. We beginnen met eiken en komen uiteindelijk uit op Palissanderhout.

 

Binnenzijde van de centrale hal

Binnenzijde van de centrale hal

Tegenover het gebouw is een ander filiaal van de bank, ontworpen door Marius Duintjer en typisch een jaren 70 gebouw met veel raam, veel bruin en een terras er bovenop (het moest immers transparant en gezellig zijn!). Er zit een gracht tussen de twee gebouwen maar het gebouw blijkt aan elkaar verbonden te zijn met een thans dichtgemetselde tunnel (de ´poentunnel ´).

Dan komen we bij de vreemdste kamer binnen ´de Bazel´. De vergaderruimte blijkt uit een grachtenpand te zijn overgezet naar dit gebouw. Helaas is deze kamer barok in inrichting en past totaal niet bij de rest van het gebouw. De Bazel heeft de maten van het gehele gebouw aan de maten van deze kamer moeten aanpassen. Bij wijze van subtiele wraak is de kamer op een niet echt prominente plek van het gebouw geplaatst.

De directiekamer blijkt zo gesitueerd te zijn dat er zo min mogelijk contact zou zijn tussen het ´gewone´

Schatkamer van ´de Bazel´

Schatkamer van ´de Bazel´

personeel en de big boss. Directie en personeel konden elkaar alleen bij de ingang van het gebouw niet ontlopen. De directie had zelfs een eigen (supersmalle) lift.

De glas-in-lood ramen in het trappenhuis zijn weer heel erg gotisch a la Cuypers maar passen wel in het gebouw. Via de trap lopen we helemaal naar beneden naar de kelder. In de kluis is een ´schatkamer´ gemaakt met daarin topstukken uit het archief. Deze ruimte is opnieuw beschilderd zoals de ruimte eruit zag in het begin: als de graftombe van Toenanchamon. Hier nemen we afscheid van onze charmante gids. We bekijken nog de topstukken en de rest van de kluis.

Deze schatkamer kan je gratis bezoeken. Kost je ongeveer een uurtje maar is zeker aan te raden! Wout

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Powered by: Wordpress